30 jaar en 300.000 BMW M-modellen; een blik terug

30 jaar en 300.000 BMW M-modellen; een blik terug

In 1978 zag de eerste ‘M’ van BMW het levenslicht. Nu, drie decennia later, rolde de 300.000ste BMW M in Regensburg van de lopende band. In de harten van menig autoliefhebber hebben de M-modellen van BMW een speciale plek veroverd. Veel mensen associëren een ‘M’ met exclusief rijplezier, een stuurmansauto van de bovenste plank. Vandaag de dag groeit het koperspubliek dat voor een M-model kiest nog altijd. In 2007 was het aandeel van M-bolides zo’n 1% van de totale verkoop van BMW AG. Hoe ontstond BMW M? En welke modellen waren (grotendeels) verantwoordelijk voor dit succes? Een blik terug in de tijd.

Na decennia lange ervaring in de motorsport, wilde BMW AG een nevenonderneming oprichten die zich speciaal bezighield met deze tak van sport. In 1972, vestigde het BMW Motorsport GmbH zich als nicheonderneming van BMW AG. Begonnen met een personeelsbestand van acht mensen, groeide het hedendaagse BMW M GmbH uit tot een wereldwijde onderneming die bijzondere BMW’s met een hoge mate van prestatiedrang in het leven roept. Het eerste project betrof het ontwikkelen van speciaal raceprogramma voor de BMW 3.0 CSL. Een geprepareerde coupé die zeer succesvol was in het European Touring Car Championship en Deutsche Rennsport Meisterschaft in de jaren ’60 en ’70. De CSL luidde het hedendaagse sportieve imago van de M-afdeling in.

Legendarische BMW M1
Zes jaar na de oprichting wilde BMW Motorsport een sportwagen ontwikkelen die bedoeld was voor homologatie in de ProCar Series, een raceklasse die werd gedomineerd door Porsche en Ford. Het Beierse merk zocht diverse specialistische bedrijven een nieuw project wilden ondersteunen; het bouwen van een geheel nieuwe racewagen. Om uit te mogen komen in de ProCar Series moesten er minimaal 400 straatlegale exemplaren in twee jaar tijd worden gebouwd. Onder de codenaam ‘E26’ ontwikkelde en vervaardigde BMW Motorsport GmbH, in samenwerking met Lamborghini (buizenframe), TIR (kunstof carrosserie), Italdesign (componenten) en Baur (motor), de M1. Ontwerper Giorgetto Giugiaro tekende de lijnen. In het voorjaar van 1977 werd de M1 op de Autosalon van Genève gepresenteerd. Het geleverde vermogen kwam uit een gemoderniseerde versie van de toentertijd bestaande zes-in-lijn M90-motor. Een andere cilinderkop, mechanische benzine-inspuiting en een dry-sump smering maakten het mogelijk 277 pk uit de M88 3.5 liter 6L-motor te persen.

Van mislukking tot hef d´oeuvre
Omdat de bouw van 400 exemplaren veel vertraging had opgelopen werd de eerste M1 pas in 1979 afgeleverd. Ondertussen was de regelgeving in de ProCar Series aangepast en bouwde de concurrentie inmiddels veel sterkere en lichte auto’s. Zowel de race- als de straatversie van de M1 flopte. Aansluitend daarop werden - in de periode 1978 tot en met 1981 - totaal 455 exemplaren van de M1 verkocht. Door de innovatieve (race)techniek, geweldige wegligging en onovertroffen bouwkwaliteit werd de M1 weliswaar geen financieel succes. Daarentegen was het een van de meest besproken auto’s van de jaren ’70, wat de M1 - in combinatie met zijn zeldzaamheid - tot een legendarisch auto maakte. Als eerbetoon werd er onlangs, tijdens het Concours d´Elegance Villa d´Este, een retroversie van de originele M1 onthuld. Een prachtige moderne interpretatie van het oorspronkelijke design.

Het M-tijdperk
Ondanks de teleurstellende resultaten van de M1, ging BMW M door met het vervaardigen van hoogwaardige sportieve BMW-modellen, welke rechtstreeks waren afgeleid van de motorsport. De eerste BMW M die in grote serie werd geproduceerd was de M5. Zijn onthulling vond plaats in 1984, tijdens de AutoRai in Amsterdam en het was destijds de snelste productiesedan ter wereld. Onder de motorkap huisde een verbeterde versie van de M1-motor. Met een vermogen van 286 pk kon de M5 in 6,2 seconden vanuit stilstand naar de 100km/h versnellen. De topsnelheid bedroeg 246 km/h. De snelle sedan werd een succes. Vanaf dat moment was de hoeksteen van een hele reeks M-modellen gelegd. In de jaren daarna volgde een nieuwe M5-versie. De E28 werd in 1989 opgevolgd door de M5 E34. Naast een sedan werd er tevens een stationwagen van dit model geproduceerd. Van deze laatste werden er slechts 891 stuks geproduceerd. De geëvolueerde motor uit de E28 M5 varieerde in de productiejaren (1989-1995) van 315 tot 340 pk. Veel sneller dan het vorige model was de E34 echter niet. Een pauze werd ingelast en BMW verscheen pas weer met een nieuwe M5 in 1999. Zijn gespierde uiterlijk met matzwarte wielen liet menig automobilist maar één keer nadenken om plaats te maken voor dit geweld. De 5.0 liter V8-motor leverde 400 pk en wist binnen 5,5 seconden vanuit stilstand de 100km/h te bereiken. Serieuze prestaties dus. De M5 werd tot 2003 door dezelfde machines gebouwd als de normale 5-serie. Dit in tegenstelling tot zijn twee voorgangers, die met de hand in elkaar werden gezet. De vierde generatie - en huidige - M5 (model E60) werd in 2004 gepresenteerd. Meteen bombardeerde BMW de ‘vijf’ tot de maatstaf in z’n klasse. Naast een machtige V10 met 507 pk en 520 Nm koppel, zat de sedan bomvol hypermoderne techniek. Het maximale vermogen van de atmosferische tiencilinder werd bereikt bij het hoge toerental van 8.250 tpm. Een 7-traps transmissie bracht de immense krachten over en zorgde ervoor dat de M5 in minder dan 5 seconden de 100 km/h passeerde. Pas bij 330 km/h wist de luchtweerstand het van de aerodynamica te winnen. Een indrukwekkend stukje techniek waar BMW M veel faam mee heeft verworven. Begin 2007 lanceerde BMW - na vijftien jaar - weer een M5 Touring.

Belangrijkste pijler: M3
BMW M kwam in 1986 met de M3 (E30). Bedoeld voor homologatie om deel te mogen nemen in Groep A van het European Touring Car Championship. Naast de benodigde homologatie werd er gespeculeerd dat de M3 tevens de concurrentie aanging met de 2.3 liter Mercedes-Benz 190E (W201). De M3-racewagen boekte op het circuit het ene succes na de andere. Met vele overwinningen in verschillende raceklassen is het waarschijnlijk de meest succesvolle racewagen ooit. Naast de enorme prestaties in de motorsport, boekte het straatmodel ook uitstekende verkoopaantallen. In vier jaar tijd werden er ruim 17.000 exemplaren verkocht. De eerste M3 was, met uitzondering van de motorkap, in geen enkel opzicht gelijk aan de standaard 3-serie. De brede body met daaronder een 2.3 liter motor 4L-motor met 200 pk was dan ook een markante verschijning. Van het model E30 verschenen verschillende varianten, zoals een ‘Evolution’ met 200 pk, een Evo II met 215 pk en zelfs een ‘Sport Evolution’ met 238 pk. Naast de coupé verscheen er een cabriolet die in een aantal van 786 stuks met de hand werd gemaakt. In februari 1992 werd de opvolger van de oer-M3 geïntroduceerd, de M3 E36. De viercilinder maakte plaats voor een potente 3.0 liter zescilinder met 286 pk. Een gemoderniseerde 3.2 liter verving in 1995 het 2.990 cc-motorblok. Het vermogen steeg hierdoor met 36 pk. De M3 E46 sleepte diverse prijzen in de wacht vanwege zijn bijzondere krachtbron. In de motorsteunen hing een 3.2 liter zescilinder met een vermogen van maar liefst 343 pk. Dit betekende dat de derde generatie M3 meer dan 100 pk per liter produceerde, een magische grens in de automobielindustrie. De, nu al tot klassieker omgedoopte, ‘Coupé, Sport und Leichtbau’ (CSL) deed hier nog een schepje van 17 pk bovenop. Zoals zijn naam al doet vermoeden, was deze versie lichter dan de ‘conventionele’ M3. Zijn prestaties waren dan ook zeer imponerend; 360 pk bij een gewicht van 1285 kilogram. Andere opmerkelijke opties voor de M3 E46 waren de SMG Drivelogic-transmissie en een Formule 1-achtige elektrohydraulische manuele versnellingsbak zonder koppelingspedaal. De vierde en huidige generatie M3 kreeg er wederom twee cilinders bij en wordt met veel lof geprezen. De manier waarop de E92 met z’n hoogtoerige 4.0 liter V8 haar krachten op het asfalt overbrengt is al even indrukwekkend. De techniek, die rechtstreeks is afgeleid van de Formule 1, is hier grotendeels verantwoordelijk voor. Verscheidende prijzen zoals de International Engine of the Year bokaal volgden. Voor BMW genoeg redenen om alle varianten in een M3-kostuum te hijsen. Naar alle waarschijnlijkheid komt er ook weer een CSL van de huidige M3.

Negen BMW M’s
Momenteel omvat het productportfolio van BMW M GmbH negen modellen. Alle modellen worden aangedreven door een atmosferische hoogtoerige motor, die zonder gebruik te maken van een turbo of compressor zijn vermogen realiseert. Zo beschikken de M-varianten van de Z4 Coupé en Roadster over de zescilinder-in-lijn motor uit de derde generatie M3, terwijl de M6 Coupé en Roadster dezelfde 5.0 liter V10 als de M5 herbergen. Binnenkort zal ook een M-versie van de 1-serie zijn opwachting maken. BMW had deze 1-serie graag omgedoopt tot M1, maar dit is niet mogelijk. Er is en blijft maar één BMW M1. Daarom zal de BMW 135 de typetoevoeging ‘ti’ krijgen, afgeleid van de 3.0 liter twin-turbomotor in het vooronder.

300.000 M-exemplaren
Tot op heden wordt de 3-serie in M3-tenue het meest verkocht. Daarmee is het verantwoordelijk voor het merendeel van de totale verkoop van BMW M GmbH. In de eerste tien jaar werden er totaal ongeveer 35.000 BMW M-modellen afgezet. In 1994 werd er binnen één jaar een cumulatief verkoopcijfer met vijf getallen bereikt. Sindsdien zijn er steeds weer nieuwe verkooprecords geboekt. Elke nieuwe generatie ‘M’ overtrof in verkoopaantallen zijn voorganger. Zo zijn er in de eerste vier maanden van dit jaar wereldwijd al meer dan 4.000 eenheden van de nieuwe BMW M3 verkocht. Onlangs leverde BMW M de 300.000ste ‘M’ af, een M3 Coupé in de kleur Alpinweiβ. Een mijlpaal in de geschiedenis van BMW M GmbH. De belangrijkste afzetmarkt is nog altijd de VS. In Europa zijn de M-modellen vooral in Groot-Brittannië, Duitsland en Italië erg populair.

© Autowereld.com | Gerben Witten