De Nürburgring ervaren in de Jaguar XKR-S

Jaguar Nürburgring Experience

Talrijke brute Porsches, bloedsnelle BMW’s en andere circuitwaardige bolides komen me tegemoet als ik de A262 heb verlaten en over de glooiende wegen langzaam maar zeker mijn eindstation nader. Het betreft een klein en ogenschijnlijk betekenisloos Duits dorpje met nog geen 200 inwoners, gelegen tussen de schitterende bossen en heuvels in het hart van de Eiffel, en op nog geen 160 kilometer afstand van Keulen. De doorsnee toerist zal er nog nooit van gehoord hebben, maar bij autoliefhebbers begint het hart spontaan harder te bonzen zodra de plaatsnaam Nürburg valt.



Later die avond overheerst de geur van gegrild vlees als ik het befaamde restaurant Pistenklaus binnenstap, daar waar de fameuze Sabine Schmitz opgroeide. De Duitse serveerster met een dienblad vol pullen bier wijst naar de lange tafel die voor ons is gereserveerd. Foto’s aan de wand geven me het gevoel dat ik omringd wordt door iconen als Jacky Stewart, Nikki Lauda, Michael Schumacher en Stirling Moss. Evenzo treffend is het plafond dat rijkelijk behangen is met bumpers, velgen, spiegels en andere carrosseriedelen. Alle voorzien de handtekeningen van hun toenmalige eigenaren. In dit restaurant vieren al decennialang coureurs hun overwinningen op ‘de Ring’. Maar ze likken hier ook hun wonden. Tijdens een gezellig onderonsje en onder het genot van een typische Duitse maaltijd van vlees en bier. Als er een plek ter wereld is waar gebeurde verhalen alsmaar sterker worden verteld, dan moet het hier zijn.


Groene Hel

Als ik aanschuif bij Frank Klaas, Global Public Relations Manager bij Jaguar, blijken die vertelsels soms treurige waarheden. Als voormalig coureur kent de Duitser de Nürburgring als zijn eigen achtertuin. Jaar in jaar uit reed hij de 24 Uren van de Nürburgring, een endurancerace waarbij het maximale van de coureurs en de techniek wordt gevergd. Frank waarschuwt ons al op voorhand voor de gevaren op de Nordschleife. Want hoe liefelijk het circuit ook aandoet als je langs de baan staat, de vogeltjes hoort fluiten en het ‘heilige’ asfalt voor je uitstrekt, de Ring is verraderlijk. Jacky Stewart noemde het ooit de ‘Groene Hel’, een alias die de Nürburgring ook vandaag de dag nog draagt. Een glansrijke bijnaam kun je het echter niet noemen, vanwege het feit dat Stewart hem toekende omwille de vele fatale ongelukken die er in de loop der jaren gebeurd zijn. Een van die ongelukken veranderde de Ring voorgoed, en dat van Nikki Lauda. Ironisch genoeg was het diezelfde Lauda die kort voor z’n ongeval pleitte voor het afschaffen van Formule 1-races op het Duitse circuit omdat volgens hem de situatie veel te gevaarlijk werd. Hij kreeg weinig bijval voor zijn plan en raakte enkele luttele momenten later onherstelbaar gewond. Als medecoureurs hem niet uit zijn auto hadden gehaald, had Lauda het overleefd. Hulp was immers veel te lang onderweg op het toen nog 26 kilometer lange circuit.

“Vrijwel meteen daarna zien we wat ooit een peperdure Porsche was tegen de muur geparkeerd staan.”

Crash!

We kennen de verhalen en mythes rond de Ring maar al te goed, maar de volgende ochtend worden ze des te duidelijker. Met hoge snelheid raast een 911 GT3 RS de befaamde bochtencombinatie Brünchen voorbij. Als hij bij het uitkomen van de bocht langzaam weer op het gas gaat komt in een splitsecond de achterkant van de auto om en in een mum van tijd verdwijnt de Porsche in een wolk van oplaaiend stof en gras richting de vangrail. Vrijwel meteen daarna zien we in wat ooit een peperdure Porsche was tegen de muur geparkeerd staan. De bestuurder maakt het gelukkig goed, anders was hij de achtste rijder geweest die dit jaar het leven zou laten op de Nürburgring.


Nürburgring Testcenter

We staan niet zelf aan de kant van de Ring als dit tafereel zich afspeelt, maar bevinden ons kijkend naar een TV-scherm in het Nürburgring Testcenter van Jaguar waar ons een hele compilatie Ring-ongelukken wordt getoond. Het complex ligt op het Gewerbepark vlakbij de toegangspoort van de Nürburgring waar alle Duitse, menig Britse en zelfs Aziatische fabrikanten een testfaciliteit hebben. Veel van de gebouwen zien er anoniem uit en slechts een klein naambordje verraadt wie hier zijn geheime prototypes aan het afstellen is. Jaguar is een uitzondering op die regel. Grote vlaggen en borden laten met trots zien dat de Britten zich in het hol van de leeuw hebben gevestigd om hun producten optimaal af te stemmen en te beproeven. En ze laten ons graag zien waarom men juist hier een deel van de ontwikkeling uitvoert. Hoofd van de testafdeling Phil Talboys leidt ons rond door het complex en vertelt vol trots dat de prototypes uiteindelijk enkel nog de baan af hoeven te komen voor het wisselen van banden en remmen. Tenminste, dat is het doel. Een van de onderdelen van het testprogramma omvat 8.000 km Nordschleife in één week tijd. Dat zijn 400 rondjes! De beproeving die een Jaguar daarmee moet doorstaan staat volgens de ingenieurs gelijk aan een complete levenscyclus van een auto. Het is meteen een van de voornaamste redenen dat men de Ring inzet als testterrein: er is geen enkele andere plek ter wereld zo veeleisend voor de techniek van een auto als hier. De vele hoogteverschillen, de ongekend scherpe bochten en de vele bijzondere knikken in het asfalt vergen het uiterste daarvan. Wie ervoor getraind is en op hoge snelheid een auto over de Ring weet te jagen, kan tijdens zo’n intensieve testweek alle mogelijke technische mankementen aan het licht brengen.



Helm op, gordels vast...

Het is allemaal interessant. Stuk voor stuk. Want hoe vaak krijg je de mogelijkheid om een kijkje achter de schermen te krijgen als deze? En toch voel ik me enigszins opgejaagd. Hoe graag ik ook het laatste feitje wil horen sta ik te trappelen van ongeduld. Voor de deur van het Testcenter staan namelijk XFR’s en XKR-S’en klaar. Geprepareerd voor ons. Wij mogen daarmee straks zelf de Ring op! Bolides die in jongensdromen voorkomen, maar vooral ook een circuit waaromheen de magie zo groot is dat ikzelf nog nooit het als heilige grond verklaarde asfalt heb durven te betreden. En zo stap ik in de XFR. Met in het achterhoofd de talloze televisiebeelden die Jaguar ons heeft laten zien als waarschuwing kan ik een klein beetje klam zweet in de handen niet verbergen. Helm op, gordels vastgesnoerd en de stoel en het stuurwiel in de ideale positie. Het gaat gebeuren. Ik ga de Nürburgring op!


Verkennen

Veel tijd om nog even goed te gaan zitten is er niet. Van het Testcenter naar de ingang van de Ring is het slechts enkele minuten rijden. Ondanks de lichte nervositeit kan ik een kleine glimlach niet verhullen, met name als we de tunnel onder het lange rechte stuk doorrijden en de magistrale sound van de V8 tegen de wanden klapt. In een soort waas passeer ik de befaamde slagboom en sta ik prompt op het rechte eind van dé Nürburgring. In de auto voor mij laat onze instructeur via de portofoon weten dat dit het moment is. We gaan los.
Op voor de eerste drie ronden. Het circuit enigszins leren kennen. Alhoewel, volgens kenners zijn er minstens honderd laps nodig om delen van het circuit te gaan herinneren. Mijn oefeningen op een spelcomputer spreken in mijn voordeel, maar dan zit je lekker rustig op de bank, nu in een leren kuipstoel met 510 onvervalste pk’s onder mijn rechtervoet.


““Houd je lijn!”, klinkt het door de portofoon richting de auto die achter mij rijdt.”

Ideale lijn

“Houd je lijn!”, klinkt het door de portofoon richting de auto die achter mij rijdt. Die ochtend kregen we te horen dat het afwijken van de ideale lijn, zeker op hoge snelheid, levensgevaarlijk is. Het filmpje dat we die ochtend van de Porsche te zien hadden gekregen was de meest treffende waarschuwing waarom. De verraderlijkheid van dit circuit bevindt zich namelijk niet enkel in baanlengte - waardoor vermoeidheid optreedt – maar vooral ook in het vreemde verloop van het asfalt. Wijk van de ideale lijn en de natuurwetten treden onherroepelijk in werking. Het gewicht van de auto kan dan compleet de verkeerde kant op worden geslingerd en ruimte om uit te rollen is er niet. Voor je er erg in hebt krijg je te maken met de vangrail met als grootste pech een allesvernietigend koprol tot gevolg. Braaf als ik ben volg ik dus de lijn die onze instructeur demonstreert. Met iedere kilometer wordt de snelheid opgevoerd. Tijdens mijn tweede sessie van drie ronden stap ik over in de XKR-S, de snelste productie-Jaguar ooit. Waar de XFR nog een beetje zwaarlijvig aanvoelde lijkt de XKR-S te zijn geschapen voor de Ring. De directe besturing, de gretigheid van de 550 pk sterke achtcilinder en de afstemming van het onderstel lijken wel een weerspiegeling van het karakter van de Ring. Ik geniet.



Coureur

De dag vordert en ik begin me al een hele coureur te voelen. Leerzaam, maar ook best gevaarlijk; je gaat je grenzen verleggen. Die van de XKR-S bereik ik niet. Althans niet vandaag en ook niet overmorgen. Die van Jaguar’s supersportwagen liggen namelijk zo ongelofelijk ver weg dat je wel over een heel groot hart moet beschikken wel je hem op het uiterst kunnen rijden. En dat durf ik niet. Daarnaast dwingt ook de Ring diepe respect af. Neem die in acht is het belangrijkste wat ik tijdens deze Jaguar Drivers Experience heb meegekregen. Immers bij de minste of geringste verkeerde stuurbeweging toont het zijn verraderlijkheid. Een fractie later remmen dan de ronde ervoor. Nog iets eerder op het gas. De elektronica van de XKR-S werkt beschermend als ik mijn eigen grenzen overschrijd. Gelukkig maar, want dit is precies de bocht waar een van de vanmorgen getoonde filmpjes werd opgenomen.