Autotests

Vernieuwde MINI Countryman & Paceman

Halverwege hun levenscyclus ontkomen ook de MINI Countryman en Paceman niet aan een zogenaamde midlife improvement. Niet dat beide Britten enigszins uit de mode waren geraakt, maar ach.. iedere vorm van verfijning is immers welkom. Hoe minimaal ook. Bovendien vormt het een goede reden voor ons om er een blokje mee om te gaan.

+ Uiterlijk nog altijd eigenzinnig
+ Speels karakter
+ Motoren licht verfijnd
- Materialen en ergonomie matig
- Prijzige investering

Domme vraag misschien, maar zijn dit niet gewoon de huidige modellen?
Grotendeels wel, maar er is wel degelijk een aantal verschillen te benoemen. Niet zozeer wat de olijke carrosserie betreft, want met enkel een hertekende grille, nieuw lichtmetaal en een tweetal frisse lakkleuren hebben we het beste wel gehad.
Technisch is er echter iets meer te melden. MINI heeft namelijk alle aandrijflijnen geoptimaliseerd met als beloning de Euro6-norm voor alle modellen. Leuk meegenomen natuurlijk, maar voor ons koude kikkerlandje is echter de efficiëntieslag van de twee instapdiesels het meest interessant. Het verbruik en de CO2-uitstoot van zowel de 90 pk sterke One D als de 112 pk sterke Cooper D daalde namelijk naar respectievelijk 4,2 l/100km en 111 g/km. Laag genoeg voor de gewilde 20%-bijtelling bij zakelijk gebruik!

Leuk; verlaagde bijtelling voor de diesel, maar ik wil een benzinemotor.
Dan hebben we helaas slecht nieuws. Ofschoon MINI het volledige motorpalet ongeveer 15% zuiniger heeft gemaakt komen de overige aandrijflijnen niet in aanmerking voor verlaagde bijtelling. Lak aan fiscaal voordeel, dan biedt de Britse fabrikant nevens de One D en Cooper D keus uit vijf motoren met als instapper de 98 pk sterke One. Een trede hoger vinden we de Cooper met 122 pk en als topper van de benzinerange vinden we de Cooper S met 184 pk. Zijn collega-uitblinker in de dieselreeks draagt overigens de naam Cooper SD welke 143 pk genereert. Ga je liever maximaal? Dan schuift MINI je graag de gekietelde John Works Cooper voor, het absolute feestnummer met liefst 218 pk!

“Wil je maximaal? Kies dan de gekietelde John Works Cooper met 218 pk!”

218 pk!? Fors vermogen voor zo’n Mini!
Correct, al is de term MINI voor de beide modellen niet helemaal op z’n plaats. Vier volwassenen met bagage vinden eersterangs plaatsen in de Countryman, maar ook in de Paceman kan een compact gezin nobel verblijven. Uiteraard zijn de forse voorportieren wat onhandig, maar eenmaal ingesnoerd is er schappelijke beweegruimte voor de ledematen.
Terug naar het vermogen van de beide heren. We mochten zowel de Cooper S Countryman, als de John Cooper Works Paceman aan de tand voelen en werden in beiden aangegrepen door de formidabele motoren. Niet enkel de kracht overtuigt, tevens is de mate van souplesse waarmee de compacte 1.6 liter turbomotor presteert indrukwekkend. De explosiviteit van ouderwetse motoren komt hiermee deels te vervallen, maar de ‘boost’ is nog altijd zeer smakelijk. 

“Rijden in de vernieuwde Mini Countryman brengt al snel een flinke grimas op ons gelaat.”


Progressie bij de motoren, maar rijdt hij ook nog beter?
Wat betreft het rijgedrag heeft MINI geen spannende wijzigingen doorgevoerd. Zowel de Countryman als de Paceman behouden hierdoor het ludieke rijkarakter van voor de facelift. Duits hard geveerd, maar met een zeer scherpe stuurinrichting die je bewegingen nauwlettend volgt en je daadwerkelijk betrekt bij het rijden. Mede door de alert reagerende krachtpatser onder het korte neusje hadden we al snel een flinke grimas op ons gelaat.
En gelukkig overtuigen de beide Britten niet alleen op bochtige landweggetjes, maar tevens op de lokale snelwegen. Nerveus rijgedrag zijn de modellen vreemd en ook valt het veercomfort geenszins tegen. Enkel houden beide Britten een aversie tegen korte richels en oneffenheden, maar daar zullen de korte wielbasis en lage profiel banden wel schuldig aan zijn.

Kopen dus?
Wat betreft (rij)plezier en uitstraling gooien de beide modellen zoals gebruikelijk hoge ogen. Toch hebben we enige luttele minpunten gesignaleerd, zoals bijvoorbeeld de ordeloze ergonomie en een spaarzame materiaalkeuze. Allebei niet op gelijkwaardig niveau als de concurrentie die er is in de vorm van de Peugeot 2008 of Nissan Qashqai. Modellen die tevens meer goedkeuring krijgen van de boekhouder, want de uitgesproken stijl, het beresterke imago en het pakkende karakter van de Britten heeft een keerzijde. De Countryman is namelijk met een minimale prijs van € 24.995,- niet bepaald een koopje. Overigens kost de door ons bereden Cooper S nog een slordige tienduizend euro meer. Dat het nog gekker kan bewijst de John Cooper Works met een prijskaartje van € 44.995,- exclusief opties. Wie mooi wil zijn moet immers pijn leiden…

Goed punt, maar werkt zo’n instelling wel in de huidige economie?
Blijkbaar, want Mini heeft al meer dan 100.000 exemplaren aan de man gebracht. Grofweg duizend stuks daarvan rijden op onze gele kentekens, wat betekent dat ongeveer één op de drie orders die MINI Nederland noteert een Countryman is. De Paceman scoort door zijn onhandige insteek geringer voorspoedig, maar doet met ruim 200 eenheden een leuke duit in het zakje. Gelukkig genoeg gegadigden die geen grijze muis willen zijn!

Gerelateerde artikelen

Nieuwe MINI Countryman ook als plug-in hybride

Spyshots
MINI Countryman PHEV
> Artikel lezen

MINI Paceman Adventure is pickup-project

Autonieuws
MINI Paceman Adventure is pickup-project
> Artikel lezen

Eerste glimp van gloednieuwe en grotere MINI Countryman

Spyshots
Nieuwe spyshots MINI Countryman
> Artikel lezen

Britser dan Brits: de MINI Countryman Park Lane

Autonieuws
MINI Countryman Park Lane
> Artikel lezen

MINI Paceman nu ook met 20% bijtelling

Autonieuws
> Artikel lezen

Vernieuwde MINI Countryman vooral technisch op scherp

Autonieuws
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.