Autotests

Audi S1 Sportback

Knalgeel op een auto, normaliter doet dat een tikkeltje ‘goedkoop’ aan, om maar niet meteen te spreken van vulgair. Maar de Audi S1 kan z’n Vegasgele jas hebben. Wat heet: er móet een in het oog springend kleurtje op. Want zo’n vlotte rakker als de S1 verdient het niet om in de grijze massa op te gaan; hij mag opvallen. Aanstekelijk enthousiasme noemen we dat.

Onze mondhoeken krulden van oor tot oor bij het opmerken van de schakelpook. Een handmatige 6-bak? Hoera! Die is zowaar zeldzaam bij een S van Audi. Een automaat is zelfs niet eens leverbaar. Hoppa, de eerste pluim heeft de S1 al in de zak. Eenmaal onderweg ervaren we dat het inleggen van de verzetten niet altijd zonder slag of stoot verloopt. De bak is nogal hakerig. Of moeten we het puur noemen? Na verloop van tijd ga je dat feit al meer waarderen. Je zit zelden mis en de feedback die de bak geniet betrekt je bij het rijden. De 231 pk sterke tweeliter TFSI toont zich bovendien zo’n enthousiaste machine, dat de handbak zich tot een geheel eigen feestje ontpopt. De zesbak is daar ook speciaal op afgesteld. De eerste vijf versnellingen zijn verrassend kort en bewust gespatieerd om het sportieve potentieel van de motor aan te kunnen spreken. Het hoogste, zesde verzet is vooral afgestemd op het drukken van het verbruik. Sterker, het is de enige versnelling waarin de dorst van de viercilinderturbo engszins gelest wordt. Zonder is het namelijk al gauw tegen een verbruik van 1 op 8 aankijken. Goed, dat had je van tevoren kunnen weten.

Bijna té snel
Door die korte bakverhoudingen is de S1 zeer vlot op snelheid te krijgen. In 5,9 seconden zit je al op de 100 km/h en daarna wordt het nog meeslepender. Want het is gedurende de tussensprints waar de S1 pas echt indruk maakt. Man ó man, wat komt deze auto van z’n plek! Een blik op de koppelkromme en het antwoord op de vraag ‘hoe?’ ligt daar. Al vanaf 1.600 tpm wordt de volledige trekkracht van 370 Nm op alle vier de wielen afgevuurd. Bovendien is er van een turbogat amper sprake en is al het vermogen dus continu aanspreekbaar. Toch hebben deze ademstokkende prestaties ook een keerzijde. Doordat het allemaal zo vlot gaat, kan het voor sommigen echter té snel gaan om met de handbak bij te kunnen houden. Vooral in de tweede helft van het toerenspectrum hangt de S1 zeer gretig aan het gas. En voor het eerst in ons verwende autoleventje suggereren we zodoende dat een geavanceerde automaat, bij Audi S tronic geheten, wel eens de fijnere transmissie kan zijn tijdens dagelijks woon-werkverkeer. Echter ook in de toekomst zal die niet op de optielijst prijken. ‘Te zwaar’, aldus Audi. Punt.

“Kortom: ook onervaren bestuurders kunnen zich een rally-meester wanen in de Audi S1 zonder de controle te verliezen.”

Spielerei
Wist je dat Audi aanvankelijk heeft geprobeerd het blok van de S3 in de S1 te krijgen, maar deze op luttele millimeters na niet paste? Leuk weetje. Gemist hebben we de tweeliter van de S3 daarentegen allerminst. Ook de vermogensafgifte van de nu toegepaste 2.0 TFSI van de Golf GTI is heerlijk opzwepend en ook het brommende geluid die het overdadige aantal uitlaatpijpen ten gehore brengen is vermakelijk, maar niet bijzonder. Wel overgekomen van de S3 is het vierwielaandrijvingsysteem met Haldex-koppeling. In normale omgang is de S1 een voorwielaandrijver en daar waar nodig wordt het motorvermogen tot 50% naar de achterwielen gestuurd. Hierbij is Audi overigens niet over één nacht ijs gegaan. Want volgens zijn scheppers is de hele achteras van de S1 nieuw ontwikkeld. Voor dit deel wilden de Ingolstadters geen simpel knip-en-plak-werk vanaf de S3 toepassen. De S1 geniet door deze gezonde instelling van vier onafhankelijke draagarmen. Hoe zich dat vertaalt naar de praktijk? Nou, de S1 gaat de bocht om als een malle. Alle vier de wielen genieten zoveel grip dat het moed inboezemt om die ene bocht nog een tandje harder in te duiken dan je al deed. Doordat het ESC (Electric Stability Control) zowel tijdens het remmen als het gas geven een binnenste achterwiel extra kan afremmen liggen de grenzen van de auto vaker verder weg dan die van de bestuurder. Omdat de Haldex-koppeling eventjes een fractie nodig heeft om na te denken en in te grijpen, schuift de S1 nog altijd over zijn voorwielen alvorens de achterwielen komen helpen. Ook onervaren bestuurders kunnen hierdoor zich net Juha Kankkunen in z’n beste jaren wanen, zonder de controle te verliezen. Maar waar deze eigenschap bij sommige S-modellen als ‘kleurloos’ wordt afgedaan, is de S1 zo’n Audi die meer en meer onder de huid kruipt.

Typisch Audi
Zoals het een Audi betaamt, is de S1 met z’n ferme onderstel evengoed in staat een comfortabele rit te bieden. Het hoge interieurkwaliteitsniveau is typisch Audi. Op de twijfelachtige kwaliteit van het navigatiesysteem – dat bij concerngenoot, de Polo, veel beter voor elkaar is – na klopt het gewoon binnenin de S1. Echter, verwennen doet Audi de koper niet. Het uiterlijk vertoon is gelikt, maar had evengoed een A1 met S line-pakket kunnen zijn. Buiten de S1-badges hier en daar krijg je nimmer echt het gevoel dat je daadwerkelijk in een S-model zit. Al moet gezegd worden dat het visueel veelbelovende quattro-optiekpakket niet op ons testmodel was geplakt. Met dat stylingpakket is er meer franje te bespeuren en voegt vooral een aantal felgekleurde accenten (afhankelijk van de lakkleur) toe aan het anderszins kille interieur. Zeker een optie die wij altijd zouden aanvinken.

“Een werknemer van de plaatselijke wasstraat vatte de S1 in twee woorden perfect samen: leuk speelgoed.”

Vinkjes
Qua uitrusting is het allerminst behelpen in de Audi S1, al komt het gros wel als optie. De S-sportstoelen bijvoorbeeld; omhuld met fijn leder bieden ze een harde doch prettige zit, maar de zijdelingse steun kan beter. Ook is de zitting aan de korte kant voor de bestuurders met lange benen. Andere welkome opties als stoelverwarming en parkeerhulp plus zijn ook van de partij, maar zijn zoals gezegd alleen aanwezig na bijbetaald te hebben. Standaard houdt de S1 derhalve niet over en moeten er aardig wat vakjes worden aangekruist voordat de luxe echt merkbaar wordt. En daarmee komen we meteen bij het grootste kritiekpunt van de S1: z’n prijs. Vanaf € 39.900,- is een S1 Sportback de jouwe. Ons testmodel, zeker niet afgeladen met opties, staat zelfs voor € 47.630,- in de boeken. Oef! Voor dat geld is er ook veel ander smakelijks te koop, waarna je nog een aardig zakcentje overhoudt. Wat te denken van een Ford Fiesta ST of Renault Clio RS? Die beginnen beiden bij een slordige € 26.000,- en doen wat betreft beleving zeker niet onder voor de Audi S1. Qua sensatie zijn ze zelfs de betere keus. Het is dan ook meer een kwestie van persoonlijke voorkeur in dit geval. En vooral een kwestie van jezelf vragen wat je precies zoekt. Zoek je enkel een hot hatch om lol mee te trappen, dan is de S1 gewoonweg te duur. Ben je echter op zoek naar een totaalplaatje van ongelooflijke snelheid, een gezonde dosis rijplezier en genoeg praktisch gemak plus vierseizoenen-inzetbaarheid én headturning looks, dan is de Audi S1 toch wel een heel aanlokkelijke optie. Een werknemer van de plaatselijke wasstraat vatte de S1 in twee woorden perfect samen: ‘leuk speelgoed!’

Foto's door Sebastiaan Doyer.

Gerelateerde artikelen

Update: foto's Audi S1 Sportback gelekt

Autonieuws
Eerste foto Audi S1 Sportback gelekt
> Artikel lezen

Extreme Audi S1 in World Rallycross Championship

Autonieuws
Extreme Audi S1 in World Rallycross Championship
> Artikel lezen

Vuurwerk uit Ingolstadt: de Audi S1 (+prijzen)

Autonieuws
Vuurwerk uit Ingolstadt: de Audi S1 (+prijzen)
> Artikel lezen

Prijzen voor vernieuwde Audi A1 en S1 bekend

Autonieuws
Audi A1 prijzen
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.