Autotests

Volkswagen Polo

‘Een goed product verkoopt zichzelf’. Het is ’s werelds oudste marketinggedachte, en hoewel nog nauwelijks effectief in de 21ste eeuw, zijn er nog altijd bedrijven die hiermee uit de voeten kunnen. Volkswagen onder andere. Gevoelsmatig lijkt het slechts weinig extra moeite te hoeven doen om de Polo verkocht te krijgen. Alsof het vanzelf gaat. Toch ziet Volkswagen dat niet als een vrijbrief om op haar lauweren te rusten. Maar meer inhoud dan daar waar mogelijk bijschaven lijkt haar elan ook niet te bevatten. Neem de vernieuwde Polo. Die oogt als meer van hetzelfde. Of is dat slechts schijn?

Het is dat Volkswagen ons in de luxueuzere uitvoeringen laten rijden, anders waren we er echt van overtuigd geraakt dat de Polo aan de buitenkant geen spat is veranderd. Op de basisversies siert namelijk niet die verchroomde strip halverwege de amper strakgetrokken voorbumper. Deze prijkt enkel op de duurdere uitvoeringen. De grille is op alle Polo’s vernieuwd, maar dat, alsook de overige externe aanpassingen, mag eigenlijk geen naam hebben. Daar komt bij dat hét grootste exterieurnieuws momenteel ontbreekt: de LED-koplampen. Het is een uiterst knappe primeur in het betaalbare B-segment, al vraagt Volkswagen ons nog eventjes te wachten hierop. Pas later in het jaar zijn ze optioneel verkrijgbaar.

“De 1.0 TSI – het antwoord van Volkswagen op de bejubelde driecilinders van Ford, Renault en Peugeot – volgt óók pas in het najaar.”

Geduld alstublieft
‘Geduld graag.’ is überhaupt een in de verdediging schietend zinnetje dat rondom de vernieuwde Volkswagen Polo zwijmelt. Want niet alleen op de puike lichttechniek is het wachten, ook voor de beschikbaarheid van de meest interessante krachtbronnen moeten eerst nog een aantal maanden verstrijken. Voor nu is de Polo te bestellen met drie diesels en twee benzines. Noemenswaardig daarover is dat dat voortaan allemaal driecilinders zijn. De TDI’s zijn zelfs compleet vanaf een leeg vel papier ontwikkeld en hebben nu stuk voor stuk een slagvolume van 1.4 liter. Van de 1.2 – dat al een driecilinder was – en de 1.6 TDI, een viercilinder, is afscheid genomen maar de vermogensafgiftes zijn weliswaar gelijk gebleven. Er is keuze uit 75, 90 of 105 pk en allen zijn voorzien van BlueMotion Technology, waaronder start&stop. Verwar dat label overigens niet met het kortere BlueMotion, als in de Polo 1.4 TDI BlueMotion. Die in de pijplijn zittende spaardiesel profiteert namelijk van veel meer brandstofbesparende maatregelen. Speciale ‘aero’-bumpers bijvoorbeeld, maar ook een bijna dichte grille, een nagenoeg gladde onderzijde, lage rolweerstand-banden en langere versnellingsbakverhoudingen. Dat deze foefjes helpen blijkt wel uit het feit dat het vastgestelde dieselverbruik niet meer bedraagt dan een schamele 3,1 l/100 km bij een CO2-uitstoot van 82 g/km. Hoppa, dat betekent 14% bijtelling voor zakelijke rijders.
De beschikbare MPI-benzinekrachtbronnen kennen we al uit de kleine Up! Beide zijn op een cc na een liter groot en leveren in de Polo eveneens 60 of 75 pk. Een turbo ontbreekt. En dat brengt ons meteen bij het al eventjes aangestipte belangrijkste nieuws dat opvallend genoeg verstek liet gaan tijdens onze eerste kennismaking met de opgefriste Polo. De nagelnieuwe 1.0 TSI (mét turbo dus) – het antwoord van Volkswagen op de bejubelde driecilinders van Ford, Renault en Peugeot – volgt eveneens pas in het najaar. Eenzelfde verhaal voor de aangescherpte Polo GTI. Ook daar keken we erg naar uit. Want geheel indruisend tegen de gemeengoed geworden downsize-filosofie van de auto-industrie, kreeg die topper immers een grotere en sterkere viercilinderturbo; van een 180 pk sterke 1.4 naar een 1.8 liter met 192 pk is ‘ie gegaan!

1.4 TDI nieuw?
Dat er het een en ander te mopperen valt wordt gevoed door het feit dat de al wel verkrijgbare motoriseringen nogal op twee gedachten hinken. Allereerst de 1.4 TDI. Een gloednieuwe diesel die de vanwege z’n akelige driecilinder-brom en storende resonanties vaak bekritiseerde 1.2 TDI heeft afgelost. Hoewel het vermogen met 75 pk gelijk is gebleven, is hij merkbaar vlotter. Mede door de vergrote cilinderinhoud is er 30 Nm extra voor handen en komt de voortaan in totaal 210 Nm bij een eerder toerental vrij. Die ene inhaalactie is nu zonder angstzweet te doen, om maar even kort te gaan. Wat echter als een behoorlijke verrassing komt, is de loop van de 1.4 TDI. Van een gloednieuwe ontwikkeling, in combinatie met de ervaring van Volkswagen en de hedendaagse technieken, hadden we namelijk een vrijwel geruisloos blok verwacht. Maar de 1.4 TDI is evenzo gehorig en nukkig als zijn omstreden voorganger en haalt daarmee (opnieuw) grotendeels het rijplezier uit deze door de bank genomen keurig presterende Polo-diesel.
Stationair klinkt de 1.4 TDI erg onbehouwen. Tot ver over de 100 km/h is de norse brom waarneembaar. Daarboven nemen andere rijgeluiden gelukkig de overhand en wordt het acceptabel stil binnenin. Toch is daarmee de boot nog niet af. Schakelen binnen stedelijk gebied vergt evengoed gewenning. Niet de handeling zelf, maar het timen daarvan. Met name bij het nemen van langzame, tweede versnelling-bochten draait de 1.4 TDI zulke lage toerentallen (minder als 1.500 tpm) dat hij als het ware stikt in z’n eigen gedrag. Het devies is om de koppeling ondertussen lichtjes te laten slippen om niet al bokkend de bocht uit te komen. Onderin geeft de motor zo goed als niet thuis, en dat is niet wat je verwacht van een moderne diesel. Tussen 1.700 en 3.000 tpm voelt de 1.4 TDI zich duidelijk het lekkerst en is het best opschieten. Echter bij het ook in Duitsland en Oostenrijk veelal gereden 80 km/h in de hoogste, vijfde versnelling duikt de naald daar net onder en steekt de trillende brom weer de kop op. Verbazingwekkend voor een product van het grote Volkswagen. Door deze ervaring vrezen we zelfs voor de volwaardige BlueMotion-uitvoering. Die zal immers nog langere versnellingsbakratio’s kennen, met de zo ruw ingeschatte gevolgen van dien.

“Loopt het nu slecht af met de Polo? Nee.”

Zuinig met benzine
Als we na de ietwat teleurstellende nieuwe diesel in de 1.0 liter MPI-benzine stappen trekken we weer ietsje bij. De driecilinder-benzine loopt merkbaar mooier rond en de roffel die daarbij vrijkomt betrappen we zowaar op een sportief randje. Met flitsende prestaties hoef je bij voorbaat geen rekening te houden als je vooraf de specificaties hebt doorgenomen. Van 0 naar 100 km/h duurt een langzame 15 seconden. Ook is het blokje niet zo levendig als in de Up! Maar evengoed valt er prima mee te leven wanneer de auto hoofdzakelijk wordt ingezet op korte ritten binnen de bebouwde kom en net daarbuiten. Tijdens lange snelwegstukken ben je praktisch genoodzaakt keurig op je rijbaan te blijven. Inhalen vergt namelijk vele asfaltmeters, want krachtreserve is er niet of nauwelijks. Ons advies: kies de Polo 1.0 MPI vooral als je minimaal in je portemonnee geraakt wilt worden. Niet alleen is deze basismotor veruit het voordeligst in aanschaf, ook is de motorisering erg pompvriendelijk. De fabrieksopgave van 5,1 l/100 km vergt weinig moeite om te realiseren en dat is ook veel waard tegenwoordig.

Kleine Golf
Loopt het nu slecht af met de Polo? Nee. Apart van zijn welhaast onverwoestbare imago en de bewezen succesformule, komt de Volkswagen Polo voortaan met een pakket noviteiten waarop de concurrentie zich kan stukbijten. Wat LED-hoofdverlichting voor het opgewaardeerde exterieur is, is een super-de-luxe infotainmentsysteem voor het interieur. De gehele middenconsole ging ervoor op de schop en tegelijk werd er een nieuw, chiquer stuurwiel geïnstalleerd. Als de Polo dat al niet was, is het model nu echt net een kleine Golf. Het opgewaardeerde, nog zachter aanvoelende dashboard, de algehele afwerkingsgraad en subtiele details, zoals bijvoorbeeld een smalle sierstrip in de portieren, trekken de Polo uit het B-segment, het C- zo niet het D-segment in.
En het voorgaande is nog niet alles. Indien gewenst kunnen de duurdere van de liefst vier nieuwe infotainmentsystemen uitgebreid worden met DAB+ digitale radio-ontvangst en het zogenaamde MirrorLink. Met dit app-systeem kan het beeldscherm van de betere smartphones als het ware compleet weergegeven worden op het 5 of 6,5 inch grote, centrale Volkswagen-display. De zoveelste primeur af-fabriek. De functie werkt voortreffelijk (in combinatie met vooralsnog alleen HTC-telefoons, Samsung en Apple volgen spoedig) en zal met name gewaardeerd worden door muziekliefhebbers omdat hun favoriete afspeellijsten in de auto slechts een druk op de knop verwijderd zijn. Er is echter één maar, en dat is dat het systeem klankmatig nogal matig is. Pas bij hoge kwaliteit opnames zullen audiofielen genot ervaren.

Anticiperende engeltjes
Is er dan nog meer te vertellen? Ja. Als er een zesde EuroNCAP-ster toegekend zou worden, dan zou de vernieuwde Polo daarvoor graag tegen de muur gaan. We gaan ze hier niet allemaal opdreunen, maar de Polo is voortaan ook verkrijgbaar met een batterij elektronische veiligheidssystemen, wederom afkomstig uit de hogere klasse. Van sommige merk je doorgaans niets, zoals Post-Collision Barking, dat de Polo na een onfortuinlijke aanrijding ‘op de rem’ zet om een kopstaartbotsing te voorkomen. Ook City Emergency Braking, dat de auto bij dreigend gevaar tot stilstand kan dwingen, komt pas om de hoek kijken als dat nodig is. Het nieuwe adaptieve cruise controle is dan weer in te schakelen wanneer gewenst. De laag voorin de voorbumper aanwezige radar had wat onopvallender geïnstalleerd mogen worden, het volstaat zijn taak. Helaas niet kunnen uitproberen, maar ook debuterend in het B-segment zijn adaptieve dempers. De Polo zou ermee wat sportiever te sturen zijn, maar daarin biedt het sportonderstel eigenlijk ook al geneugten. Echt opwindend wordt het nooit in de Polo, al is de elektrische besturing op een prettige manier een tikkeltje communicatiever. Het normale onderstel biedt louter comfort. Moeiteloos weet dat storende oneffenheden, ook qua geluid, buiten de deur te houden. Zelfs op hoge snelheid, wat de Polo, hoewel niet overdreven ruim, tot een uitstekende kilometervreter maakt.

Wachten op…
Laat je niet misleiden door het uiterlijk. Want het lijkt weliswaar dat de Volkswagen Polo vrijwel onveranderd is gebleven, onderhuids speelt er een heel ander verhaal. Nog meer dan voorheen is de Polo een fantastisch totaalpakket. Mede dankzij tal van snufjes uit hogere autoklasses geeft de vernieuwde Polo alle concurrentie het nakijken. Op het voorlopig aangeboden motorpalet na. Dat is echt de zwakste schakel van de vernieuwde Polo. De notabene gloednieuwe 1.4 TDI is nauwelijks een vooruitgang op de voormalige 1.2 TDI en een behoorlijke stap terug in vergelijk met de uitgaande 1.6 TDI. Hoef je niet zo nodig als een van de eersten te rijden, wacht dan op zijn minst tot het einde van het jaar. Als de straks verkrijgbare gloednieuwe 1.0 liter driecilinderturbo maar half zo fijn is als de 1.2 TSI-viercilinder, dan is dit een model-motor-combinatie die momenteel geen gelijke kent in het B-segment.

Gerelateerde artikelen

Scoop: hier rijdt de nieuwe Volkswagen Polo

Spyshots
Scoop: hier rijdt de nieuwe Volkswagen Polo
> Artikel lezen

Moet de Fiesta ST bang worden van nieuwe Polo GTI?

Spyshots
> Artikel lezen

Scoop: hier rijdt de nieuwe Volkswagen Polo

Spyshots
Scoop: hier rijdt de nieuwe Volkswagen Polo
> Artikel lezen

Moet de Fiesta ST bang worden van nieuwe Polo GTI?

Spyshots
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.