Autotests

BMW 4-serie Coupé

Zo zeg, we deinsden even terug bij de aankondiging dat de BMW 4-serie Coupé de opvolger van de alom geprezen 3-serie Coupé zou worden. Zijn ze in München nu helemaal krankjorum geworden? Die prachtige en tevens zo succesvolle 3-coupé zonder pardon aan de kant te schuiven. Het is een cursus rebranding voor gevorderden, die volgens de Beierse autofabrikant puur werd ondernomen om de tweedeurs 3-serie een trede hoger in de markt te kunnen plaatsen. Makkelijk zeggen, want dat brengt automatisch hogere verwachtingen met zich mee. Heeft BMW die waargemaakt?

BMW wil met de 4-serie dus een aantal treden op de marktladder klimmen. Goed, dat klinkt als een pienter besluit, die feitelijk louter is bepaald om de Mercedes E-klasse Coupé en de Audi A5 nog intenser te lijf te kunnen gaan. Ook geeft de ouverture van de 4-serie de nodige ruimte aan de 2-serie, die als een lammetje staat te trappelen om in de lente de BMW-dealer te betreden. Maar wie denkt dat een hogere klasse gepaard gaat met een hoger prijskaartje, die heeft doorgaans gelijk maar het dit keer helemaal mis. Voor net geen 41 mille rijd je weg met een 420i en daarmee is de 4-serie betaalbaarder dan de 3-Coupé tijdens z’n laatste dagen. Een ietwat vreemde stap van BMW, wat niet wegneemt dat we er alleen maar blij mee kunnen zijn. Voordeliger of niet, het is en blijft een BMW en dat houdt in dat het vrijwel nooit meteen volledig naar wens is. De 428i, die vanaf € 47.950,- te boek staat, verliet kort voor onze rijtest nog de showroom als een BMW ter waarde van bijna 69 mille. Dat blijft een hoop geld voor een auto die duidelijk is gestoeld op de 3-serie. Al is vooral de vraag hoe hoog het rendement is van de extra investering ten opzichte van die vierdeurs.

Aanvalsdrang
BMW lijkt van buitenaf gezien vrijwel ogenblikkelijk de gedane beloftes in te gaan lossen. Gehuld in Mineralgrau doet de 4 wel wat calvinistisch aan, maar wij vinden het exterieur, zeker in combinatie met het aangevinkte Sport Line-pakket, alsnog bijzonder geslaagd. Desalniettemin kleedt een andere lakkleur allicht al gauw exclusiever af. Een tweede, Imperialblaue 428i (in Luxury Line-uitvoering) op het terrein van BMW Nederland voedt deze subjectiviteit.
Hoe dan ook, de 4-serie is beduidend groter dan zijn voorganger maar oogt desalniettemin elegant, rank en nog dynamischer. Ten opzichte van de 3-serie (de Sedan) zijn de toegenomen buitenmaten niet eens wereldschokkend. Vooral het feit dat de 4-serie Coupé 62 millimeter dichter op het asfalt ligt geeft hem dat meer atletische voorkomen. Het front lijkt sterk op dat van de 3-serie, terwijl de aanvalsdrang wel een stuk duidelijker wordt beklemtoond. De sterke vouw en profil en de zoetjesaan aflopende daklijn geven de 4-serie die onmiskenbare coupé-vorm. Tot zover is er een geslaagde rebranding gaande.

“De cabine komt uit de 3-serie. Hierin had BMW best wat mogen differentiëren.”

Puntje van kritiek
Tijd om toe te treden tot de werkkamer van de 4-serie. Het interieur is direct een feest van herkenning. Hoewel feest? De cabine is linea recta overgeheveld uit de 3-serie. Een puntje dat knaagt aan BMW’s gehanteerde tactiek ons te doen geloven dat we beter af zijn met een 4-serie. De Duitsers hadden ook hierin best wat mogen differentiëren. Het wil overigens wel zeggen dat het binnenste strak, overzichtelijk en expliciet gericht op de chauffeur is. De klokkenwinkel is simpel, doeltreffend, maar weliswaar niet spannend. Zoals elke BMW is de ergonomie uitmuntend. Alle toetsen zijn intuïtief te bedienen, evenals het verbeterde iDrive-systeem met touchpad dat het zelfs voor een volslagen digibeet schier onmogelijk maakt iets verkeerd te doen. Alle functies zijn zo instinctmatig te hanteren dat je attentie altijd op de weg gericht kan blijven.

Volmaakte zitpositie
Want daar draait het immers om, Freude am Fahren, BMW’s idolate lijfspreuk. Ben je eenmaal bedrijvig met het besturen van de 4-serie dan valt meteen op hoe volmaakt de zitpositie is. Deze auto nodigt uit om eindeloos kilometers te verslinden, zowel cruisin’ down the highway als al jakkerend door bochten. De stoelen zijn prettig, comfortabel maar toch met ruim voldoende steun. Bovendien liggen ze diep in de carrosserie, wat je welhaast de indruk geeft in een supercar onderweg te zijn. Opteer voor het prachtige M-sportstuur en je hebt een roer dat heerlijk in de hand ligt en volledig naar gelang versteld kan worden. Best verrassend voor een coupé, zelfs vandaag de dag nog, is dat ook de achterpassagiers weinig reden tot klagen hebben. De instap richting de achterbank wordt vergemakkelijkt doordat met een druk op de knop de stoelen naar voren zijn te schuiven en eenmaal achterin genesteld blijkt de beenruimte alleraardigst te zijn. De hoofdruimte houdt echter niet over.

Vol en smakelijk
‘BMW maakt rijden geweldig’, nog zo’n gedurfde en onverschrokken slogan, en om die uitlating daadwerkelijk in te lossen is BMW in het geval van de Vierer (wat vooralsnog nog niet zo lekker bekt als Dreier) niet over een nacht ijs gegaan. Ten opzichte van de 3-serie werd de spoorbreedte vóór met 45 en achter met 80 millimeter verbreed. Het chassis is zelfs zo gemodificeerd dat de 4-serie liefst 60 procent stijver is dan zijn voorganger en de gewichtsverdeling 50/50, dus perfect, is. Is het zo gek dat we hooggespannen zijn als we ons richten tot de startknop?
Met een nieuwsgierige druk op de knop spreken we de vier cilinders aan die zouden moeten volstaan om de 428-badge op de kofferklep recht te doen. Dat doen ze gelukkig wel degelijk. Het tweeliterblok met TwinPower-turbo’s produceert 245 pk en geeft je nooit het gevoel een manco aan kracht te hebben. Een gebrek aan geluidsemotie is er evenmin. De 428i klinkt niet rauw maar juist gevuld, volwassen en zeer smakelijk. Bijna als een zescilinder! Zo herinneren we ‘em niet in de 328i. Trap het pedaal tot het schutbord en het vermogen geeft zich heerlijk soepel af. Een souplesse die nog eens wordt aangewakkerd door de fenomenale ZF-automaat. Die transmissie schakelt razendsnel door zijn acht verzetten en kan als het moet de 428i in een schamele 5,8 seconde door de 100 km/h stuwen. Om de 4-serie in vol galop naar die snelheid te mennen dient overigens wel eerst de Driver Experience Control-knop op Sport+ te worden versteld.

“De 428i klinkt niet rauw maar juist gevuld, volwassen en zeer smakelijk.”

Adaptief temperament
Het is datzelfde DEC-systeem dat de auto van een adaptief temperament voorziet. De feature kent vier modi met ieder een expliciet eigen karakter. We kiezen voor de Eco Pro-stand en de 4 zweeft over het asfalt, terwijl hij ietwat treuzelend de snelheid opdrijft. Verbruiksreductie blijkt hierin het toverwoord. De Comfort-modus geniet al meer onze voorkeur en maakt van de Bimmer een gerieflijke reisgenoot die decibellen met groots gemak van zich afschud. Stilletjes worden vele snelwegkilometers opgeslokt zonder dat de 4-serie als een slome duikelaar bestempeld kan worden. Wel valt tijdens die ritten op dat de BMW behoorlijk licht stuurt en zelfs enigszins vaag is rond de middenstand. Niet echt des BMW’s. Toets de Sport-stand in en het wazige, afstandelijke gevoel verdwijnt al behoorlijk naar de achtergrond. Het lijkt wel of de 4 ineens vier flessen cola heeft genuttigd. De turbomotor hikt onmiddellijk hoorbaar aangename viercilindergeluiden op terwijl de dempers zich schrap zetten. In de twee Sport-modi is het onderstel een stuk straffer dan in Eco Pro en Comfort, maar zonder te klappertanden. Mooi uitgebalanceerd, zo kunnen we het ook verwoorden.Wel blijven we de besturing aan de zwakke kant vinden en een milde vorm van onderstuur is hem ook niet vreemd.
Het maakt het allemaal doodeenvoudig om bijna schofterig hard een bocht in te duiken. Maar de controle uit handen geven, nee dat doet de 4-serie (nog) liever niet. Toch willen we hem daartoe tarten en dus wordt de Sport+ modus geraadpleegd. De BMW heeft meteen door dat er lekker gestoeid mag worden en dat doet de Duitser dan ook met verve. Het dolletje kan hem niet lang genoeg duren, maar tijdens de stoeipartij geeft ‘ie je nimmer het gevoel je serieus pijn te gaan doen. Als 428i laat de 4-serie je merken dat hij sterk is, zonder protserig zijn spierballen te laten zien. Zo breekt zijn achterste gewillig uit (over dwars gaan gaat moeiteloos) maar het gevoel van beheersing blijft altijd. Dat is misschien niet zo enerverend voor diegene die het niet hardcore genoeg kan, maar daarvoor heeft BMW nog altijd de M4 achter de hand, die ongetwijfeld een pure atleet is.

Completer
De BMW 428i blijkt eenvoudigweg een echte rijdersauto. De moeiteloosheid waarmee je stapvoets dan wel jachtig, relaxed of vol overgave het asfalt achter je laat is weergaloos. Dat hij daarbij nooit een echte rouwdouwer is en graag de touwtjes in handen houdt doet daar niets aan af. Hij is wellicht zelfs wat beschaafder dan zijn voorganger (zeker wat besturing betreft), maar als coupé is hij eveneens een stuk completer. Zijn heerlijke allround rijeigenschappen, met de perfecte zitpositie, de formidabele versnellingsbak en zijn uitgebalanceerde wegligging maken de 4-serie tot een verrukkelijke coupé. Of hij daarmee daadwerkelijk een trede hoger staat dan de uitgezwaaide tweedeurs 3-serie? Wij menen van wel.

Gerelateerde artikelen

BMW 4-serie Coupé goedkoper dan voorganger

Autonieuws
BMW 4-serie Coupé goedkoper dan voorganger
> Artikel lezen

Patenten verraden BMW 4-serie Gran Coupé

Autonieuws
Patenten verraden BMW 4-serie Gran Coupé
> Artikel lezen

Nieuwe BMW M3 Sedan en M4 Coupé officieel

Autonieuws
In detail: BMW M3 Sedan & M4 Coupé
> Artikel lezen

BMW 4-serie Cabriolet kan besteld worden

Autonieuws
BMW 4-serie Cabriolet kan besteld worden
> Artikel lezen

Welk paradepaardje is BMW M hier aan 't bekokstoven?

Spyshots
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.