Autotests

Opel Astra-familie

Nog voordat de Astra ook maar enigszins tekenen van veroudering zou gaan vertonen heeft Opel het mes erin gezet. Met een lancering in 2009 ondergaat de vierde generatie Astra daarmee relatief snel een verjongingskuur. Dat is vroeg, maar een heel logische stap. Opel moet namelijk competitief blijven. En het liefst nog een stapje hogerop opereren.

Bij Opel voelen ze ongetwijfeld de hete adem van de Koreanen in de nek. Letterlijk, want het Europese R&D centrum van Hyundai en Kia is op een steenworp afstand van Opel’s ontwikkelingscentrum gevestigd. De Koreanen kunnen de Duitsers daarmee op de voet volgen. En dat lijken ze nauwlettend te doen. De nieuwe i30 en Cee’d zijn dusdanig goede producten geworden dat ze een rechtstreekse concurrent voor de Opel Astra vormen. Een bedreiging zelfs. En dat moet het merk uit Rüsselsheim, dat zijn 100-jarige bestaan viert en bij de tiende generatie van hun compacte middenklasser is aanbeland, flink dwars zitten. Opel trekt dan ook- waar mogelijk - alle registers open om de Astra naar een hoger niveau te tillen.

Visueel aantrekkelijk
Dat niveau moet in eerste instantie bereikt worden bij de eerste oogopslag. En dat is wat ons betreft zonder meer goed gelukt. Opel spreekt van een sportiever en meer hoogwaardiger gevoel en daar is geen woord aan gelogen. De nieuwe voor- en achterbumper alsmede de ranker gevormde grille ogen chiquer dan ooit te voren. Iets sportievere wensen? Dat kan ook, zelfs als het OPC-topmodel buiten bereik ligt. Opel levert vanaf heden ook een BiTurbo-dieselmotor in de Astra en die laatste heeft een meer op sportiviteit afgestemd exterieur. Sterker nog, die doet wel heel erg denken aan de Astra OPC, wat een compliment is! Met speciale voor- en achterbumpers waarin grotere luchtinlaten het beeld bepalen, een in carrosseriekleur gespoten grille, twee ronde uitlaatpijpen en specifiek lichtmetaal zien wij ons wel rijden in deze Astra. Hij zou zo als GSi doorkunnen.

Hoge verwachtingen
Aangezien Opel zeker onze belangstelling heeft gewekt met dit krachtigste dieselblok dat ooit in een Astra geleverd is stappen we daar als eerste in. Met 195 pk en 400 Nm doet de 2.0 liter CDTi met dubbele turbo namelijk hoge verwachtingen scheppen. Op papier dan. In de praktijk pakt het veel minder potent uit dan je zou verwachten. Een TDI-blok met 150 pk voelt minstens zo krachtig, zo niet krachtiger aan. Dat betekent niet dat het blok een stakker is, integendeel, maar je verwacht zoveel meer. De beide turbo’s werken zo harmonieus samen dat er geen sprake is van een lekkere duw in de rug en ondanks dat Opel claimt dat 80% van het koppel al bij 1.250 tpm beschikbaar is wordt je pas boven de 1.500 tpm daadwerkelijk op gang geholpen. Eenmaal op toeren blijft het blok er flink aan te trekken. Op de Duitse Autobahn is het moeiteloos meekomen op de linkerbaan, al wordt je na een stevige remactie toch teleurgesteld als je weer op snelheid wilt komen. Let wel, als Opel aan had gegeven dat dit een 150 pk sterk blok was had je ons niet horen klagen, maar de 195 pk en vooral ook de 400 Nm’s doen veel meer vermoeden. Zeker ook als je oog in oog staat met het model dat dankzij het speciale bodypakket zonder meer smakelijk oogt.

Turbo
Eenzelfde verhaal gaat op als we in de 1.4 Turbo stappen. Bij zowel onze allereerste kennismaking met dit blok, zo’n drie jaar geleden, alsook in de Sports Tourer wist het blok ons niet te overtuigen. En ondanks dat de krachtbron een klein beetje getweaked is bekruipt ons hetzelfde gevoel. De 1.4 liter turbobenzinemotor wekt 140 pk en 200 Nm op, maar voelt minder krachtig aan. We kunnen er ook hierbij niet omheen dat de blokken van de concurrentie een stuk pittiger zijn. Met 100 km/h versnellen in het vijfde en zesde verzet is voor het Opel-blok zelfs teveel gevraagd en spoort je aan nog een verzetje terug te schakelen. Juist met een turbomotor zou een smeuïger karakter absoluut gewenst zijn en veel toeren maken overbodig. Het is jammer, op papier lijken de Opel-blokken krachtpatsers, maar ze stellen in de praktijk echt teleur.

Astra sedan
Nieuw is de gereden 1.4 turbomotor dan weliswaar niet, de verpakking waarin wij ‘em reden is dat wel. Opel presenteert gelijktijdig met de verjongingskuur namelijk een nieuwe Astra sedan. Deze compacte vierdeurs Astra zal het vooral in Oost-Europa en Rusland goed moeten gaan doen, maar zal ook in ons land de concurrentie met de Volkswagen Jetta, Skoda Rapid en Ford Focus sedan aan moeten gaan. Wat ons betreft op uitstraling betreft geen enkel probleem. De designers hebben er een gelikte sedan van weten te maken die ook nog eens enorm veel ruimte biedt. De kofferbak meet maar liefst 500 liter inhoud en is dankzij de relatief grote klep goed toegankelijk. Het interieur biedt geen verschillen met de andere Astra-modellen en dat betekent een keurig vormgegeven dashboard dat nadrukkelijk om de bestuurder en bijrijder heen is gebogen. Jammer genoeg zijn veel van de gebruikte kunststoffen vrij hard, maar daarentegen zijn de afwerking en de looks dan wel weer dik voor elkaar. Qua rijden is er eveneens geen verschil merkbaar. Dat betekent dat de sedan rijdt als elke Astra: wat afstandelijk en weinig communicatief, maar voor het merendeel van de consumenten ruim voldoende.

Veiligheidssystemen
Maar Opel heeft meer te bieden. De vernieuwde Astra is namelijk voorzien van alle moderne veiligheidssystemen die je kunt bedenken. Diverse ervan waren al leverbaar in de Astra, maar velen zijn ook afkomstig uit de Insignia en Zafira. Opel’s Eye Front Camera is toe aan een tweede generatie en herkent verkeersborden nog beter. Daarbij registreert het ook voorliggers en waarschuwt je, naar onze menig iets te enthousiast, als je daar in een onbewaakt moment te snel op afkomt. Dreigt het mis te gaan? Dan remt de Astra dankzij Collision Imminent Braking vanzelf af. Verder zien we een achteruitrijcamera, dodehoekbewaking, adaptieve cruise control en Opel’s adaptieve koplampen die zich aanpassen aan de rijomstandigheden. Tal van systemen die de concurrentie ook biedt, maar Opel heeft ze stuk voor stuk op de prijslijst staan en maakt daarmee een heel compleet aanbod.

Prijs
Tot slot z’n prijskaartje, want dat is waar de op de loer liggende concurrenten uit Azië natuurlijk ijzersterk in zijn. De vernieuwde Astra is er vanaf € 19.295,- als hatchback met 87 pk sterke viercilinder onder de kap. De Cee’d is er vanaf € 19.445,- en biedt dan 135 pk aan vermogen en om nog maar een concurrent te pakken, de Focus met 1.0 liter EcoBoost-blok biedt vanaf € 19.345,- ook meer vermogen (100 pk). Het is een verhouding die we ook bij de Sports Tourer en sedan zien. In alle opzichten heeft Opel daarmee geen prijstechnische voorsprong. Gaan we stapsgewijs omhoog in het gamma dan wordt het prijsverschil alleen nog maar groter. Aangezien de concurrentie inmiddels hetzelfde weet aan te bieden wordt de druk alleen maar groter. En dan is het verstandig van Opel om zoveel mogelijk bij de les te blijven en vanaf oktober een vernieuwde Astra-range bij de dealers te zetten.

Gerelateerde artikelen

Opel vraagt € 22.295,- voor Astra Sports Tourer

Autonieuws
> Artikel lezen

Irmscher previewt zijn nieuwe Opel Astra

Tuning & styling
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.