Autotests

Volvo V40

Volvo gooit de knuppel in het hoenderhok. De aankondiging van de nieuwe V40 alleen al zorgde voor opschudding in de ren waarin Audi en BMW er al jaren warmpjes bij zitten. Nu we ook daadwerkelijk met het Zweedse product hebben gereden weten we ook hoe zwaar de betreffende knots is. En dus aankomt.

Toen Volvo met de gedachte voor een nieuw, compact model rondliep moet het zich hebben afgevraagd wat het zich op de hals haalde. Naast plaatsvervanger van niet één, maar twee oudere Volvo’s die ook nog eens compleet anders van concept zijn – de V50 is een stationwagen, de C30 een driedeurs hatchback – duikt de nieuwe V40 in de vijver waar het gevaar het grootst is. Niets ten nadele van andere Volvo’s, maar dat het Zweedse merk vooraf aan iedere beslissing ten gunste van de V40 tenminste twee stemrondes hield kan simpelweg niet zomaar uit de lucht gegrepen zijn.

Exterieur
Behalve het niet in de steek willen laten van bestaande klanten was het aantrekken van nieuwe de zoveelste uitdaging bij de invulling van het ontwerp. Dat laatste geldt uiteraard voor iedere autofabrikant bij de totstandkoming van een product, maar was voor de Zweden des te moeilijker omdat zij te maken hebben met een klantengroep dat door gebrek aan variatie tijdens de afgelopen jaren sterk is vergroeid met Duitse mode. Om überhaupt een kans te maken neemt Volvo steeds meer de houding aan van Audi en consorten die steevast met een flink scheut dynamiek de consument proberen te verleiden. Misschien nog wel meer dan bij de Germanen en een enkele Aziaat (Lexus CT 200h) druipt de levenslust van de V40 af. Volvo heeft de V40 zo breed mogelijk laten lijken door de hoeken te accentueren, onder met het plaatsen van de LED-dagrijverlichting op de uiteinden van de carrosserie. Ook oogt de V40 optisch lager dan hij in werkelijkheid is en bovendien bijzonder gespierd door een samenhang van een spits front, steile voorruit, coupéachtige daklijn en een relatief korte wielbasis. Met de V60 waren we al ietwat gewoon geraakt met Volvo’s nieuwe designrichting, maar een dergelijk gestileerde Volvo als de V40 hebben we nog niet eerder meegemaakt. Toch is dit niet helemaal waar beweert het merk. De schouderlijn van de V40 is nadrukkelijk geïnspireerd op dat van de iconische P1800 en ook de wulpse achterzijde met kleine achteruit is een verwijzing naar dat model uit de jaren ’60. ’t Is maar dat je het weet.

Interieur
Het interieur is dan weer geheel gemodelleerd naar het hedendaagse Volvo-tijdperk. Voor degene die bekend is met de V60 is het binnenste van de V40 een feest der herkenning. Volvo claimt echter dat het dashboard compleet nieuw is ontworpen. Hoewel in feite hoofdzakelijk vernieuwd geven enkele details te kennen dat Volvo ons niet geheel voor het lapje houdt. Het instrumentarium valt daarbij als eerste op. Enkel de behuizing daarvan is tastbaar, voor de rest kijk je tegen een cluster van TFT-tellers en -meters aan. Een additionele gimmick is dat deze drie specifieke thema’s bevat waaruit gekozen kan worden. Elegance en ECO bevatten een klassieke weergave met de respectievelijk de watertempratuur- of eco-meter aan de linkerzijde en de toerenteller aan de rechterkant. Het thema Performance benadrukt de toerenteller door deze rood op te kleuren en de gereden snelheid in digitale cijfers uit te drukken. De keuze laten we geheel aan jou over, maar wij vinden de laatste het prettigst afleesbaar.
Ook een eyecatcher en niet eerder aangetroffen in andere Volvo’s is de ogenschijnlijk frameloze binnenspiegel compleet met digitaal kompas. Het heeft wel iets weg van een modieuze flatscreen van een niet nader te noemen Aziatische televisieproducent. Trendy, dat zeker, maar of het past in het overwegend robuuste interieur van een Volvo is een tweede. De glazige versnellingspookknop dat tegen een extra investering kan oplichten vinden wij dan wel weer erg cool. En scoren doet de V40 ook als het gaat om bouwkwaliteit. Eigenlijk zou je ze ervoor naast elkaar moeten parkeren, maar de afwerkinggraad van de V40 lijkt op een hoger niveau te staan dan dat van de V60. Naden zijn keurig sluitend en eventuele aluminium sierstrips of andere accenten zijn vrijwel naadloos verwerkt in het geheel.

Ruimte
Van de relatief korte wielbasis merk je alleen achterin iets. De been- en voetruimte daar is gemiddeld voor deze klasse, iets dat niet geldt voor de hoofdruimte. Het achterwege laten van het panoramadak is daarin slechts een deel van de oplossing. Ook zonder deze optie zitten volwassen met hun kruin tegen het dak, hetzij minder snel. En ook al claimt Volvo dat de V40 voldoende plek biedt aan vijf inzittenden spreken de twee individueel gevormde stoelen achterin dit tegen. De ruimte daartussen is simpelweg te krap voor een derde persoon, tenzij deze kleiner dan een puber is.
Vergeet echter niet dat je met een C-segmenter te maken hebt. Wie eerste rang wil zitten moet dus voorin plaatsnemen. Met naar het lichaam geprofileerde stoelen en precies de juiste kussenhardheid houdt Volvo z’n naam op fantastisch zitmeubilair hoog. Door een perfecte plaatsing van de best veel aanwezige knoppen haal je zelfs (rij)plezier uit de ergonomie. Top!
Met de hoeveelheid opbergruimte zit het ook snor. Met 335 liter past er in het kofferruim weliswaar zo’n 30 liter minder dan de concurrentie, de handige van bevestigingshaken voorziene en vouwbare dubbele bodem maakt daarentegen veel goed. De plank kan dienst doen om bagage op de plek te houden alsmede het creëren van een vlakke laadvloer na het neerklappen van de achterleuning. Een extra duit in het zakje doen de vele opbergvakjes het en der in het interieur. Ideaal voor de kleinere spullen.

Veiligheid
Niet te missen bij een Volvo is het veiligheidniveau. Om kort te gaan: bij de nieuwe V40 is dit het laatste waarover je druk hoeft te maken. Graag één noviteit lichten we uit. Een primeur voor de wereld is een airbag aan de buitenzijde van de auto – echt waar – dat voetgangers en fietsers beschermt bij een aanrijding. Zodra dit zich voordoet duwt de plofzak de motorkap omhoog waardoor er meer ruimte ontstaat tussen de mechanica daaronder en terwijl tegelijkertijd de eveneens staalharde A-stijlen worden afgedekt om zoveel mogelijk letsel te voorkomen. Die maximale 5 sterren in de EuroNCAP-crashtets zijn kat in het bakje.

Rijgedrag
Ondersteltechnisch staat de nieuwe V40 op een aangepast platform van de C30 dat op z’n beurt is gebaseerd op de vorige generatie Ford Focus. Dat klinkt als een product dat nu al verouderd is, maar is feitelijk nietszeggend als het goed aanvoelt. En dat doet het. Wat bij ieder V40 vaststaat is een puik onderstel met, zeker voor Volvo-begrippen, een nogal straffe demping. Een goede basis voor een enthousiaste stuurauto, al zijn er momenten dat je wenst dat de slag wat langer is. Rijden over een puntige richel of een gapend gat in het wegdek – in Italië waar we reden struikel je erover – wil soms gepaard gaan met een ferme tik aan met name de achteras. Als inzittende merk je daar gelukkig weinig van omdat de koets dit goed weet te filteren en de vering juist vrij gemoedelijk is.

D2
Ondanks dit compromis is de nieuwe V40 volgens Volvo per definitie een dynamisch sturende auto. Wij houden het liever op de meest dynamische Volvo momenteel te koop, en waarbij de mate van dynamiek sterk is gerelateerd aan de motorisering. Een rit met de 115 pk en 270 Nm sterke D2 leert dat hoe welwillend een chassis qua dynamiek ook mag zijn, het aan een dood paard trekken is als de motor hierin niet meewerkt. De instapper onder de diesels is namelijk nadrukkelijk afgestemd op het zo spaarzaam mogelijk omspringen met brandstof waardoor het leveren van adequate prestaties naar de tweede rang verwezen is. De grote toerentalintervallen van de 1.6-viercilinder laten je veel schakelen. Nu is dat met een doeltreffende handmatige 6-versnellingsbak die je bij het rijden betrekt geen vervelend werkje, het haalt wel de snelheid uit de auto. Neem daarin mee dat de turbo pas bij 2.000 tpm goed en wel z´n draai heeft gevonden (daarboven wil ie best vooruit) en de conclusie dat dit niet de meest enthousiaste V40 verkrijgbaar is, is gauw zelf te maken. Nee, de V40 D2 is vooral een verstandige keus want door de uitgekiende afstemming zo schoon (slechts 94 g/km) dat hij goedgekeurd is voor 20% bijtelling en in aanmerking komt voor MRB-vrijstelling. Een hardloper wordt hij dus zonder meer alsnog.

D4/T4
Als het dynamisch moet, dan heb je met de D4-diesel en T4-benzine beduidend meer lol. Het identieke nummer in de motorbenaming doet vermoeden dat het hier om aan elkaar gewaagde krachtbronnen gaan, maar niets is minder waar. Beide leveren weliswaar bijna evenveel pk’s af (respectievelijk 177 en 180 pk), de maximale koppelafgifte verschilt nogal met liefst 400 Nm voor de D4 en 240 Nm voor de T4. Hun karakter ligt ook mijlenver uit elkaar wat logisch is omdat de D4 een diesel, maar ook een vijfcilinder is en de T4 een viercilinder benzinemotor.
In dynamiek opzicht zou de T4 de lekkerste moeten zijn met standaard verlaagd sportonderstel (10 mm) en een lager wagengewicht. Tot zekere hoogte is dat ook zo. De turbomotor klimt enthousiast in toeren en weet behoorlijke sprongen te maken als dat van hem gevraagd wordt. Ondertussen is de besturing ongeacht één van de drie ingeschakelde modi (wel eerst stilstaan) vlezig en voldoende communicatief. Ook de razendsnelle Powershift-automaat met dubbele koppeling helpt mee, maar is soms wat ruw met het aangrijpen bij abrupt accelereren. De conventionele Geartronic met koppelomvormer is verfijnder en minstens zo goed bij de les wanneer bevelen worden doorgevoerd. In combinatie met de kracht van de D4 een heerlijke combinatie en een dieselvariant die ook nog eens geweldig klinkt. Verrassend genoeg laat de D4 zich bovendien lekkerder sturen. Waar de T4 naarmate de snelheid opgevoerd wordt gevoelsmatig lichter in de neus raakt, geeft de D4 continu het gevoel uitstekend stevig contact met de weg te hebben. De auto voelt gewichtiger aan en gebruikt juist de zwaardere massa van de vijfcilinder om zich kranig door een bocht te duwen. Sturen in de D4 vergt wel wat meer inspanning, maar daarin schuilt nu juist het extra rijplezier van de vijfcilinder diesel. Onze keus!

Menens
Alsof de Audi A3 en BMW 1-serie zich al niet genoeg aangevallen (moeten) voelen door de nieuwe Mercedes-Benz A-klasse, treedt Volvo ook nog toe tot het C-segment. In vele ogen is de nieuwe V40 de underdog van het compacte premiumkwartet. Een positie waar Volvo zelf overigens niet negatief tegenover staat. De Zweden laten zich nu eenmaal graag typeren als ingetogen, schuchter en sympathiek. Dat deze door henzelf toegeëigende identiteit niet wil zeggen dat Volvo geen gevoelige tik kan uitdelen als het menens wordt bewijst de nieuwe V40. Volvo’s nieuweling staat als een huis waarvan niets anders gezegd kan worden dat hij een aangename aanvulling vormt om het palet aan compacte middenklassers. De V40 ziet er gelikt uit, rijdt voortreffelijk en behoort tot de meest efficiënte auto’s in z’n klasse. Zouden we ook niet onbelangrijk bevonden zaken als een keurige uitrusting, de befaamde hoge veiligheid en prijsstelling hierin meenemen, dan kan de nieuwe Volvo V40 wel eens de beste keus zijn. En dat komt hard aan.

Gerelateerde artikelen

Milde facelift voor Volvo V40 en V40 Cross Country

Autonieuws
Milde facelift voor Volvo V40
> Artikel lezen

Zorgenvrij rijden met Volvo V40 Private Lease

Autonieuws
Zorgenvrij rijden met Volvo V40 Private Lease
> Artikel lezen

Privé een Volvo V40 rijden voor € 349,- per maand

Autonieuws
Privé een Volvo V40 rijden: € 349,- per maand
> Artikel lezen

Volvo introduceert smaakvolle Polestar Performance Parts

Tuning & styling
Volvo Polestar Performance Parts
> Artikel lezen

Najaarsvoordeel bij de Volvo-dealer

Autonieuws
Volvo Najaarscampagne
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.