Autotests

Renault Scénic

Sinds mensenheugenis timmert Renault aan de weg met de Multi Purpose Vehicle (MPV). Aanvankelijk met de pionierende Espace en sinds dat model vergane glorie is met de Scénic en later ook de Grand Scénic. Het kassucces lijkt zich te verschuilen in het continu up-to-date houden van beide modellen. Onlangs ondergingen ze wederom een vernieuwingskuur. Voor ons reden genoeg om weer eens met de Renault Scénic te rijden. Met de voorin de nieuwe dCi 110-dieselmotor.

Hoe oppermachtig de Scénic ook is, op de lauweren gaan rusten is er voor Renault niet bij. Sterker nog, het merk met het wybertje heeft er nogal een handje van relatief vroeg en meer dan één keer in een modelcyclus een productwijziging door te voeren. Dat is verklaarbaar met een hegemonie die vanuit alle windstreken wordt aangevallen door betweterige concurrenten, maar kan ook, vanuit het standpunt van de bestaande klant, ergerniswekkend zijn. Per slot van rekening zagen zij nog geen drie lentes geleden hun zuur verdiende spaarcenten verdwijnen, en nu alweer is het staren naar een in feite cosmetisch verouderde Scénic. Daarbovenop komt vervolgens nog de onvermijdelijke duikvlucht in economische waarde. Een tweede, gevoelige natrap en dus is het best begrijpelijk dat de lancering van de vernieuwde Scénic niet door iedereen met open armen wordt ontvangen.

Schoonheid komt met de jaren
Klagers mogen zich melden bij Renault. Nieuwkomers krijgen een Scénic die er wederom weer wat beter uitziet. Toch moeten verkopers nog altijd kunnen praten als brugman om ons ervan te overtuigen dat de Scénic een van nature mooie auto is. Hoe dan ook, Renault lijkt in ieder geval geluisterd te hebben naar de voornaamste kritieken op het uiterlijk. Het aangepakte front spreekt namelijk beduidend meer aan door onder meer sierlijke details zoals LED-dagrijverlichting dat letterlijk een verlengstuk is van de strakgetrokken voorbumper. Ook het flitsende chroom, het chique zwart, plus de stoer bedoelde dakrails doen de Scénic goed. Vers lichtmetaal, indien gewenst ook in het zwart, maakt tevens onderdeel uit van de visuele facelift. Evenals nieuwe lakkleuren met Blue Majorelle en Rouge Grenat voor de durfals.

Ergonomie
In het interieur zijn de aanpassingen gematigder, maar schermt de Scénic wel degelijk met enkele nieuwigheden. Met het voortaan verkrijgbare Visio-systeem (rijstrook- plus grootlichtassistent) is er een knop (achter de binnenspiegel) bijgekomen en zijn enkele verplaatst om naar eigen zeggen het bedieningsgemak te vergroten. Vergeet dat laatst echter meteen, want de ergonomie is nog altijd het grootste struikelblok binnenin de Scénic. Dat Renault het net even anders aanpakt dan andere merken kunnen we alleen maar toejuichen, maar al die verschillende en soms ver van de bestuurder afliggende bedieningsclusters werken gewoonweg niet intuïtief. Het instellen van het uitstekend klinkende audiosysteem (van Bose) via het kleine, smalle schermpje wekt pas echt op de zenuwen. En dat terwijl de Scénic nota bene beschikt over twee andere, wel toereikende TFT-schermen. De linker daarvan dient overigens als instrumentarium, compleet met een numerieke snelheidsmeter en digitale toerenteller. Soms, vooral tijdens zonsondergang, kan het de ogen wat afleiden van de weg, maar zo´n virtuele klokkenwinkel blijft een ludieke variatie op het klassieke gebeuren.

Raar, maar waar
Foutloos is de Scénis dus niet. Apart van het mogelijk verwend zijn van ons autojournalisten zou je je dus kunnen afvragen waarom men dan en masse kiest voor de Scénic of Grand Scénic. Een deel van het antwoord daarop wordt verkregen zodra je kilometers gaat maken. We hadden nooit gedacht dit ooit op te schrijven, maar het clichématige ‘rijden betekent verkocht zijn’ is zowaar van toepassing op de Scénic. Serieus. De demping is vergevingsgezind, de vering waarachtig nog vriendelijker. Comfort in het kwadraat, zeg maar. Toch is de Scénic allang niet meer die Renault van toen die twintig meter na het nemen van een vluchtheuvel nog aan het nadeinen is. De Scénic ontmoet verkeersobstakels om ze daarna meteen te vergeten. Het wegstrijken van kortere oneffenheden gaat hem ook goed af, al heeft hij wat meer moeite met het aaneenrijgen hiervan. De koets begint dan wat te dribbelen op een soortgelijke wijze als de Opel Zafira dat doet. Klaarblijkelijk is een MPV dit niet vreemd. Over de besturing niets meer dan lof. Dat is licht, maar precies en voortreffelijk gelijkmatig verdeeld en afgestemd op verschillende snelheden. Ook al is de Scénic niet de kleinste, je parkeert hem zo gemakkelijk als een Twingo.

Ruimte
Over formaten gesproken. Een ander sterk punt van de Scénic blijft z´n interieurruimte. Dat is niet zo variabel in te delen als de meeste van zijn concurrenten, maar blinkt eigenlijk uit door eenvoud. De kortere Scénic is een vijfpersoons MPV met achter de beide voorstoelen drie afzonderlijk stoelen. De zittingen daarvan zijn kort, maar bieden aan de dijbenen en in de rug voldoende steun. De interieurflexibiliteit dat er is bestaat uit het enkel het kunnen verschuiven en opklappen van de tweede zitrij en het kunnen neerklappen van de voorste passagiersstoel zodat langere voorwerpen eenvoudiger vervoerd kunnen worden. Dat is het. Maar het kunnen kiezen tussen veel beenruimte of juist een riant laadvolume voldoet kennelijk al voor een grote groep mensen. Worden alle stoelen bezet, dan kan er helemaal achterin nog 522 liter aan bagage mee. Zonder passagiers is dit uit te breiden naar een gigantische 1.840 liter, en dat is exclusief de 92 liter dat nog in de diverse opbergvakken verspreidt door het interieur past.

dCi 110
Omdat de “dCi 110” motor een belangrijk aandeel heeft in het 2012-nieuws rond de Scénic reden we met deze motorisering. Het betreft alweer de zesde generatie van deze 1.5 liter viercilinder diesel die zich intussen heeft ontpopt tot een heel soepele krachtbron met 110 pk en een royale 260 Nm koppel, twintig meer dan voorheen. Door de toegenomen trekkracht is lui rijden nog eenvoudiger. Terugschakelen om te accelereren is vaak niet nodig, zolang de naald maar boven de 1.500 tpm wordt gehouden. Daaronder geeft de motor weinig thuis, terwijl je daarboven eigenlijk alle kanten op kunt. Zelfs van een vlotte rijstijl is hij niet vies. Boven de 3.500 tpm neemt de koppelkromme een duik en laat de motor ook meer van zich horen. Tijdens een normale rijstijl heerst er stilste. Überhaupt krijgt extern geluid weinig kans om de stoorzender uit te hangen. Pas boven 150 km/h krijgen wind- en bandgeruis vat op de Scénic. Ondertussen stemt ook het verbruik tot tevredenheid. De beloofde 4,1 l/100 km is niet gehaald, maar 1 op 17 vinden wij alsnog zeer zuinig voor dit type auto.

Resumé
De vijfpersoons Scénic en zevenpersoons Grand Scénic zijn als een rots in de branding voor Renault. En voor duizenden trouwe en nieuwe eigenaren is dat blijkbaar niet anders. Nu we na drie jaar weer eens in de Scénic hebben gereden begrijpen we hun keuze volkomen. Ook al zijn er vergelijkbare MPV´s met meer uitstraling en die qua flexibiliteit meer in huis hebben, blijkbaar kent eenvoud nog veel aanhangers. Maar de Scénic is bovenal een bijzonder fijne auto om te rijden. Met van meet af aan een prettige, adaquate aandrijflijn. Dat spreekt mensen kennelijk nog meer aan. We zien het dan ook wel goedkomen met de Scénic.

Gerelateerde artikelen

Renault maakt vaart met nieuwe Scénic

Autonieuws
Renault maakt vaart met de Scénic
> Artikel lezen

Instappen in Renault Scenic goedkoper

Autonieuws
Instappen in Renault Scenic goedkoper
> Artikel lezen

Grand(eur): de nieuwe Renault Grand Scénic

Autonieuws
Nieuwe Renault Grand Scénic 2016-2017
> Artikel lezen

Instappen in Renault Scenic goedkoper

Autonieuws
Instappen in Renault Scenic goedkoper
> Artikel lezen

De nieuwe Renault Scénic: alles wat je weten moet

Autonieuws
Alles wat je moet weten over de nieuwe Renault Scénic
> Artikel lezen

Meer Autowereld.com

Merk / model dossiers

Sluiten
Wij maken gebruik van cookies: lees hier hoe en wat.